(door Dick van der Plas)

Punniken

De scheepsomroeper heeft ons net naar het laadruim met de auto’s gedirigeerd, als naast onze twaalf jaar oude Volvo een gezin met twee kinderen in een splinternieuwe Nissan terreinwagen stapt. De koters schuiven op de achterbank, pa tikt en draait wat op en aan de knoppen op het dashboard en in de hoofdsteunen van de voorstoelen lichten – voor de neuzen van de kinderen - twee beeldschermen op. Vanaf de veel lagere achterbank van mijn auto kijkt mijn eigen kroost schuin omhoog naar de Disneyfilm, die naast hen in de Nissan begint. Eindeloos lang, duurt het, voordat het luik opengaat en ik van Donald Duck vandaan weet te rijden. Er wordt niets gezegd, maar ik denk het verwijt in mijn rug te voelen priemen. En nog voordat mijn wielen de vaste wal hebben bereikt, wijs ik naar de opengewerkte hoofdsteunen boven onze Volvo-stoelen en zeg: ,,Ja, dat gaat bij dus ons niet.’’

De tijd dat je voor de vakantie naar de Veluwe reed en onderweg met opa en oma op de achterbank zat te punniken (waarbij je draadjes om een paar spijkers moest winden, waardoor er aan de onderkant een strook vlechtwerk uitkwam – nou ja, het fijne weet ik er ook niet van), ligt alweer enige tijd achter ons. Dankzij naast mij geparkeerde Nissans en de verderfelijke invloed van de reclame, weten mijn

De tijd dat je voor de vakantie naar de Veluwe reed en onderweg met opa en oma op de achterbank zat te punniken (waarbij je draadjes om een paar spijkers moest winden, waardoor er aan de onderkant een strook vlechtwerk uitkwam – nou ja, het fijne weet ik er ook niet van), ligt alweer enige tijd achter ons. Dankzij naast mij geparkeerde Nissans en de verderfelijke invloed van de reclame, weten mijn nazaten inmiddels dat de auto met wat flinke investeringen kan worden omgebouwd tot een multimedia centrum. Het is niet genoeg om Bassie en Adriaan via een cassettebandje over de speakers te horen. Een zelfrichtende satellietschotel op het dak moet ze 24-uur per dag via Nickelodeon op de boordcomputer brengen.

Door de afgelopen zeven jaar voor de grote vakantie als bestemming Groot-Brittannië te kiezen, voorkwam ik de dagenlange ritten over de snelwegen naar het zuiden. We reden een uurtje naar de boot en na een nachtje slapen hoefden we hooguit nog een paar honderd kilometer om op de plek van bestemming aan te komen. Dit jaar wordt alles anders. Ons reisdoel is een camping aan de voet van de Alpe d’Huez, waar we drie weken willen fietsen en wandelen, en en passant (zeggen de Fransen) ook nog een paar etappes van de Tour de France (inclusief de nu al legendarische klimtijdrit op de Alpe) gaan meepikken. De afstand van ons huis naar de camping is 1132 kilometer. Onze gemiddelde snelheid (met afgeladen caravan) ligt tussen de 70 en 80 kilometer per uur. Zeker anderhalve dag rijden, luiden de optimistische schattingen, als we bij Antwerpen tenminste die alternatieve route kunnen vinden, nu onze caravan niet door de Kennedy-tunnel mag.

Van het achterbankentertainment maak ik al wekenlang serieus werk. In de auto liggen al standaard twee gameboy-look-a-likes, waarmee zenuwslopende spelletjes kunnen worden gespeeld. Om me zelf niet te kwellen met Music for Kids is voor allebei de koters een eigen discman aanwezig. ( Om wakker te blijven bij het slakkengangetje, luister ik zelf onafgebroken naar minidiscs met de hoogtepunten van Theo Maassen, Hans Teeuwen en Freek de Jonge.) Voor mijn dochter ligt de complete gesproken versie van The Lord of the Rings klaar – een epos in 50 (!) cd’s met genoeg saaie passages om haar ruim voor Lille in slaap te laten sukkelen. Mijn zoon luister naar Redders van de Kameleon. Mijn laptop kan – met stroom van de sigarettenaansteker – ten slotte op de achterbank worden neergezet om filmpjes te bekijken. Het is – nadat mijn voornemen om een draagbare dvd-speler voor de achterbank aan te schaffen strandde op een veto van mijn eega – het dichtst wat ik in de buurt van de Nissan-hoofdsteunen kan komen.

Al een week lang ben ik verbindingen aan het testen, batterijen aan het opladen en muziek van pc naar cd en minidisc aan het transporteren, als mijn vrouw thuiskomt met drie plastic zakjes met gekleurde touwtjes en een boekje dat ‘Scoebidoe Pret’ heet. Terwijl ik onvermoeibaar een klein fortuin aan digitale beeld- en geluidsdragers van het huis naar de auto sleep, zit de rest van mijn gezin aan tafel te vlechten, te knopen en te draaien aan dingen die bij mij vage herinneringen aan reeds lang vervolgen tijden oproepen.

Eén of andere handige bliksem heeft het punniken opnieuw uitgevonden.

 

terug naar pagina Columns Dick

 

 

 

terug naar de beginpagina website

naar het weblog