Bij het naar
bed gaan is ze altijd wel in staat om,
halverwege de trap, nog een paar verbale
clusterbommetjes de woonkamer in te gooien. ,,O
ja, pap’’, zegt mijn dochter. ,,Kun jij nog even
zes dvd’tjes voor me kopiëren? Die moet ik
morgen meenemen naar een feestje.’’ Haar
’Welterusten’ smoort mijn repliek dat ik over
een half uur zelf ook naar bed wil en de ochtend
daarop een fietsafspraak heb, waardoor ik pas ’s
middags rond één uur weer thuis ben. Hoe laat
moet je ze hebben? ,,Om half drie. Met de
hoesjes. Het feestje begint om drie uur.’’ Twee
treden hoger volgt er nog een ’O ja’. ,,Kun je
me ook even brengen en halen?’’
Het
is een favoriet tijdverdrijf onder ouders met
puberkinderen. Wie zich in zo’n gezelschap wil
beklagen over luiheid, gemakzucht en
slordigheid, wordt overspoeld door een tsunami
van schokkende voorbeelden. Maar dit is mijn
plekje. Nu mag ik even.
Als vader en
opvoeder stel ik niet zo veel voor. Maar er zijn
dagen dat ik bij ons thuis een hele goede
conciërge en schoonmaker neerzet.
Als mijn vrouw en ik ’s avonds
thuiskomen, na een dag van hard werken, beginnen
we altijd eerst met een rondje door de woonkamer
om alle lege glazen, chipszakken en
snoeppapiertjes op te ruimen. In haar kamer waag
ik me zelf niet meer, maar mijn eega zet een
hele goede ooggetuige neer bij het beschrijven
van de vuilstortplaats die hier is ontstaan.
Als onbezoldigd
klusjesman ontferm ik me over de elektronische
en mechanische apparatuur die ze om zich heen
verzamelt. De mobieltjes die ze niet kwijtraakt
(gemiddeld drie per jaar), raken stuk.
Beeldschermen eruit. Simkaarten die
ondersteboven worden teruggestopt. Haar fiets
vierde zijn eenjarig bestaan met het vervangen
van alle tandwielen, de ketting en de
snelbinders (kapot getrokken bij het opladen van
de gymspullen).
Magazijnmeester en
kassier, dat ben ik ook. De bestellingen worden
meestal terloops opgegeven, als ze net op het
punt staat om naar school of naar bed te gaan. O
ja, of ik morgen nog even oortelefoontjes voor
haar MP3-speler wil meenemen. Het is haar vijfde
setje van dit jaar waarvan het ene oortje geen
geluid meer geeft. En inkt voor haar printer,
want er moet weer een werkstuk in fullcolor
worden uitgespuugd. En of ik daarna het
beltegoed voor haar mobieltje wil opwaarderen.
Tot vandaag dacht ik
dat ik de enige ouder was die alles voor zijn
puberdochter bekostigt. Maar volgens het
Nibud surf ik alleen maar mee met de trend.
Van 57 procent van de jongeren wordt alles door
hun ouders betaald. Drie jaar geleden was dat
nog maar 33 procent. Het aantal onnozelen neemt
hand over hand toe. Ik heb een tijdje op het
punt gestaan om de geldkraan resoluut dicht te
draaien. Om alles wat buiten de reguliere posten
voor kost en inwoning valt, van haar zakgeld af
te trekken. Maar begin daar maar eens aan, als
inmiddels 57 procent van de ouders de markt voor
je verpest.
De preek die ons elk
jaar tijdens de grote vakantie te wachten staat
van onze (kinderloze) vriendin in Spanje, moeten
we dit jaar overslaan. We zoeken de kou op in
Schotland. Vandaar dat het orakel zich deze week
per mail tot ons richt. ,,Bereiden jullie je
maar voor. Ik heb net gelezen dat 51 procent van
de Spaanse jongeren tussen de 18 en 34
zelfstandig zou willen wonen, maar nog steeds
bij pa en ma bivakkeert. Van degenen die wel
zelfstandig wonen heeft de helft economische
bijstand nodig van pa en ma. Tot hun 34ste! Doe
er wat aan; preventie kan niet vroeg genoeg
beginnen!!''
Dit soort dingen
moet je eigenlijk niet bespreken met mensen die
geen kinderen hebben. Voor je het weet gaan ze
roepen dat het aan de opvoeding ligt.
De column
'Makkelijk' stond in de kranten van 10 juli
2007.
terug naar pagina
Columns Dick