|
|
|
|
Problemen met vrouwen Column Dick van der Plas voor maandag 14 juni 2004 Heimelijk probeert mijn zoon (7) voor de derde keer zijn glas te vullen met de aangelengde sangria waarmee tia Clara ons naar het terras van haar restaurant El Camion in Calpe heeft gelokt. Zijn moeder is in gesprek met de camarero, die ze na het succesvol doorlopen van de cursus Spaans I van onze bestelling probeert te doordringen. Van de overkant van de tafel schiet de hand van de vriendin van mijn eega naar de pols van mijn zoon, die vastzit aan de vingers die zich al om het handvat van de kan sangria hebben gebogen. De betrapte, stille drinker schudt mismoedig het hoofd en kijk mij en mijn in Spanje rentenierende vriend aan. ,,Nóg een probleem met vrouwen’’, zegt hij. ,,Ze kunnen het gewoon niet uitstaan als je het naar je zin hebt.’’ Het hele jaar door weet hij zich vooral bespied door het paar ogen van de vrouw die hem verwekt heeft. Maar op vakantie bij onze vrienden in Spanje – zelf meer dan bewust kinderloos, maar zich enkele weken per jaar vrijwillig opwerpend als ‘lease-ouders’ van die van ons – krijgt onze zoon er nog een paar bij. Bij alles wat hij – achter of voor de rug van zijn moeder – uitvreet, loopt hij een twee keer zo groot risico om te worden gecorrigeerd. Tweeënhalf keer, eigenlijk, als ik de keren dat hij door zijn oudere zus (12) terecht wordt gewezen, erbij optel. Hij raakt er aanvankelijk een beetje door van slag, maar accepteert het na enkele dagen als één groot complot van de andere sekse om het leven onmogelijk te maken. Wij, de twee andere mannen in het gezelschap, staan aan de goeie kant. Op een toon van ‘ouwe-jongens-krentenbrood’ betrekt hij ons na elke terechtwijzing bij de analyse ervan, die hij steevast begint met de woorden: ’Nóg een probleem met vrouwen….’. Waarna er een vaststelling volgt die volgens hem opgaat voor zo’n één miljard geregelde rokkendragers op deze aardkloot. ,,Nóg een probleem met vrouwen: ze laten je geen moment met rust.’’ (Als hij zijn computerspelletje moet onderbreken om de schrijfoefeningen te doen, die hij voor de vakantie van zijn juf heeft meegekregen.) ,,Nóg een probleem met vrouwen: ze zeggen duizend keer hetzelfde.’’ (Als hem voor de vierde keer wordt gevraagd zijn pyjama aan te gaan trekken.) ,,Nóg een probleem met vrouwen: ze doen nooit wat ze hebben beloofd.’’ (Als iets wat hij graag wil door onvoorziene omstandigheden – wolkbreuken bij een zwembaduitje; de zondagssluiting van een safaripark – niet doorgaat.) Zijn analyses van de vrouwelijke soort zijn nog redelijk mild als hij zijn tegenstandsters onder gehoorbereik weet. Maar als de afstand groter reikt, worden ze vrijmoediger. Als hij naar zijn kamer wordt gestuurd om een tapijt van K’nexx en Legostenen op te ruimen, hoor ik hem in de gang mompelen: ,,Nóg een probleem met vrouwen: ze zijn te lui om zelf wat te doen.’’ En als hij (de rest van het gezelschap zit op het terras) in de keuken ontdekt dat zijn favoriete chocoladetoetje is opgegeten – hij heeft wel zo’n vermoeden van de daders – lispelt hij: ,,Nóg een probleem met vrouwen: ze zijn gewoon egoïstisch.’’ Mijn Spaanse compañero en ik bevinden ons in een moeilijke positie. Door ons elke keer joviaal bij zijn kwalificaties van de andere sekse te betrekken, zoekt mijn zoon onze bevestiging. Maar daar passen wij voor. Met strakke gezichten, een mensvriendelijke oogopslag en de mondhoeken in de neutraalstand nemen wij met onze lichaamstaal nadrukkelijk afstand van zijn uitspraken. Want dat is nóg een probleem met vrouwen: je kunt er maar beter geen problemen mee krijgen. terug naar pagina Columns Dick
|