|
|
|
|
Ploegleider Woensdag 20 juni Na weer een zinloze demarrage of een staaltje onnozele krachtpatserij op een berghelling, mag mijn rentenierende vriend in Spanje over jeugdige wielrenners graag verzuchten: 'Je zal toch maar ploegleider zijn van zo'n stelletje.' En dan komen daar ook de turbulente ontwikkelingen buiten de koers (drank, vrouwen) nog bij. Een van die jongeren waarop mijn vriend doelt, is mijn politiek ontspoorde neef. Momenteel rijdt hij samen met zijn vriend Danny elke dinsdagavond wedstrijden bij wielervereniging Swift in Leiden, waar hij steeds met stoere verhalen over ontsnappingen, het terughalen van koplopers en bloedstollende sprints aankomt. Als je even doorvraagt, blijkt dan dat ze vooral hebben gedemarreerd op momenten dat het er niet toe deed, dat ze vooral elkaar hebben teruggehaald na een ontsnapping en dat alle krachten al waren opgebruikt voordat de sprint zich aandiende. Gisteravond stond ik, samen met een collega, in wielerkloffie langs de baan, om mijn neef en zijn vriend een kansloze koers te zien rijden. Mijn tactische aanwijzingen ('naar voren nu, schuif op, haal terug die koploper') leidden hooguit tot een moedeloos knikje van een achter in het peloton hangend familielid (op de foto rijdt hij nog tweede, maar dat beeld is vertekend). Hoewel, tegen het einde schoven ze toch naar voren en werd er nog met overgave meegesprint om de overwinning. Dachten ze, tenminste. Want uren later kreeg ik een mailtje van mijn neef waarin hij informeerde of die vijf koplopers op dat moment nog steeds vooruit waren. Ja beste lezer, dat waren ze. De sprint die ze kansloos verloren, was om de zesde plaats. Je zal toch maar ploegleider van zo'n stelletje zijn. |