|
|
|
|
Limiet
Een
druiventros en de contouren van de plaatselijke wijnfabriek nemen een prominente
plek in op het wielershirt dat ik, anderhalve uur na mijn aankomst op vliegveld
Alicante, krijg overhandigd van mijn in Spanje rentenierende vriend. Voor de
twee weken dat ik bij hem vakantie houd, heeft hij me geïntroduceerd als
gastlid van de Club Ciclista in zijn woonplaats Xaló. Op het programma staan
tochten door het berggebied van de Costa Blanca. O ja, en hij heeft nóg een
cadeautje voor zijn aan hogebloeddruk lijdende Hollandse vriend: een Sigma
hartslagmeter.
Elk
zichzelf respecterend dorp in Spanje heeft zijn eigen fietsclub. En elke zondag,
voor de vrouwen opgaan naar de mis, verzamelen de mannen zich in de kroeg om te
gaan trappen. De vijftien tot twintig vaste rijders van de Club Ciclista in Xaló
komen rond acht uur bijeen in Bar Rincon, in één van die nauwe straatjes van
het wijndorp. Het geel, rood en blauwe wielertenue met het logo van de
’Coopertiva Valenciana Virgen Pobre de Xaló’ steekt schril af bij het
grijze arbeiderskloffie van de stamgasten, die zich rond dit vroege tijdstip al
laven aan de producten van onze hoofdsponsor.
De
C.C. Xaló rijdt op deze zondagochtend een route die klinkt als een lied van
Julio Iglesias: via Orba, Pego en Gorga naar Penáguila en Alcolecha. Dan dwars
door wijnvelden en slaperige dorpjes, langs berghellingen tot meer dan duizend
meter hoog weer via Gorga terug naar Xaló. Vijftien verweerde, kleine Spaanse
mannetjes – die op de makkelijke stukken onverstaanbaar kwetteren in hun
Valenciaanse dialect – en twee Hollanders, die onophoudelijk turen op de
hartslagmeter op hun stuur.
Mijn
vriend is een meterfreak, die naast zijn hartslagmeter een fietscomputer heeft
die niet alleen alles van de snelheid van zijn fiets registreert, maar ook de
hoogte, de hellingspercentages in procenten, de temperatuur (inclusief de
nadering van hoge- en lagedrukgebieden) en de geleverde prestatie in watts. De
hartslag van zijn op het Hollandse platteland vegeterende trapmaat ligt
gemiddeld zo’n twintig slagen per minuut lager dan die van zijn, op
halfjaarlijkse fietsreizen in Zuid-Amerika en Zuid-Afrika getrainde lijf. Dat
baart hem enige zorgen, totdat ik na een paar dagen ’s morgens mijn
hogebloeddrukpilletje vergeet in te nemen. Dan is onze hartslag opeens precies
gelijk. Een half uur na het innemen van mijn pilletje daalt die van mij weer
twintig slagen.
Lichte
paniek breekt uit als mijn meter halverwege de route opeens op 0 springt. ,,Ik
ben dood’’, constateer ik. ,,Mijn hart klopt niet meer.’’ Mijn vriend
overkomt hetzelfde. Hij blikt naar de hemel. Wat moet je anders, als het einde
nadert? ,,Een hoogspanningskabel’’, zegt hij. ,,Dan werkt de meter
niet.’’
Na
ruim vijftig kilometer lunchen we in Bar Lluis in Planes. Het is pas half elf in
de ochtend, maar er worden literflessen bier en wijn op tafel gezet. Twee glazen
bier (tegen de dorst) en drie glazen wijn (voor de heilzame werking op de rest
van de route) blijken een beproefd recept. Dan volgen schalen met ensalada
(salade), waaruit pas gezamenlijk kan worden geprikt nadat er een halve liter
olijfolie overheen is gegoten. Daarna eten we stokbrood, belegd met tomaat,
seranoham en tortilla (een soort omelet). Het toetje bestaat uit koffie met
cognac (carajillo).
Voor
de lunch kan de Hollandse delegatie mee met de vijf besten van de club. Na de
lunch zweven we ergens tussen de kopgroep en de staart van het peloton, waarin
de veteranen op hun eigen tempo rondmalen. Op het punt waarop we kunnen kiezen
tussen de volledige route van 144 kilometer (inclusief de meer dan duizend meter
hoge Tudons) of het afsnijden van een kilometer of twintig, kiezen we laf voor
het laatste. Onze benen willen niet meer omhoog.
,,Hoeveel
buitenlanders mogen er bij de club?’’, had mijn vriend tijdens de lunchpauze
pesterig gevraagd aan Manuel Monfort, de presidente del C.C. Xaló. ,,Wat is de
limiet?’’
En
nog voordat zijn blik van het druiventrosje op mijn shirt naar mijn kuiten
zakte, blonk er bij het antwoord al een schittering in de ogen van Manuel. ,,El
camino es el limite.’’
De
weg is de limiet. terug naar pagina Columns Dick
|